Ik ben even offline!

Ik ben even offline!

Deze uitspraak hoor ik steeds vaker. Mensen bedoelen hier meestal mee dat ze niet bereikbaar zijn. Ze gaan een weekje op vakantie of tijdens een werkdag wil iemand even niet gestoord worden. ‘Offline’ betekent ook, dat je geen internet gebruikt, en dus je telefoon, je tablet, of een andere moderne technologie even laat voor wat het is.

Vakantie

In de zomer ga ik vaak een week ’n offline’ Geen internet. Ik vind het heerlijk. Ik heb meer tijd, lees meer, kook meer, fiets meer, wandel meer. En het brengt rust. Je geeft je hersenen daadwerkelijk rust van een overload aan informatie en beeldschermlicht.

De vraag ‘Hoe houd ik de rust en het overzicht in mijn dagelijkse (werk) leven’ drong zich bij me op, want tijdens de vakantie gaat het echt een stuk makkelijker.

Het recht op onbereikbaarheid

Door vaak met mijn telefoon bezig te zijn, verlies ik focus, rust en overzicht. Soms check ik mijn telefoon (app, mail) maar als je me vraagt waarom (want dat deed ik 5 minuten geleden ook al ) dan weet ik het niet altijd. Het is een automatisme geworden. Ik vind daarnaast het paradoxale van online zijn, dat je daarmee ook vaak ‘off (uit)’ gaat. Je aandacht en focus is op je scherm, waardoor je geen contact meer maakt met de mensen om je heen.

In de media is hier veel aandacht voor. Wat is het effect van altijd bereikbaar zijn? De relatie met stress en de toename van burn-out (de grootste beroepsziekte van Nederland) wordt regelmatig gelegd. In het programma van Eva Jinek was aandacht voor ‘het recht op onbereikbaarheid’. Daar vertelde Gijs van Dijk, PVDA kamerlid, dat hij de waardevolle kanten zag van smartphone, maar hij ziet ook de schaduwkanten. Het gaat niet alleen om steeds bereikbaar zijn, maar vooral het idee dat je denkt dat dat van je wordt verwacht; van je werkgever, je collega’s. Je wilt je betrokkenheid laten zien en niet een uitzondering vormen op het feit dat al je collega’s wel steeds bereikbaar zijn. En dit verhoogt de druk.

Het nieuwe brieven schrijven

De realiteit is, dat in mijn dagelijks leven mijn smartphone ook niet meer is weg te denken. En eerlijk… ik wil het ook niet. Ik ben gek op gesproken berichten bijvoorbeeld. Mijn vrienden en ik blijven zo in contact als bellen even niet lukt. Iemands stem horen, vind ik dan heel fijn. Met bepaalde mensen kan ik hele whatsapp gesprekken houden. Ik noem het ‘het nieuwe brieven schrijven’.

En ook voor mijn werk gebruik ik mijn telefoon veel. Ik vind het gewoonweg een ongelofelijk handig, effectief en leuk communicatiemiddel. Hoe kan je dan toch momenten van “offline zijn” inbouwen?

Mijn tips:

    • Als ik mij wil focussen neem ik in principe de telefoon niet op. Ik kies bewust of het echt nodig is. Erik Scherder vertelde in de uitzending van Jinek hoe belangrijk het is ongestoord aan een taak te werken. Je wordt er creatiever van. En steeds onderbroken worden, betekent dat je veel inspanning moet leveren om opnieuw je focus te vinden.
    • Ik neem de telefoon niet mee aan de lunchtafel. Zo heb ik meer oog voor mijn collega’s en zijn mijn hersenen met iets anders bezig dan werk, wat weer bijdraagt aan rust, en ik na de lunch weer fris aan de slag kan.
    • Ik word bijna nooit lid van een app-groep, en van mijn app-groepen zet ik de meldingen uit.
    • In het weekend check ik geen mail.
    • Ik probeer bepaalde overleggen wandelend te doen (telefoon uit).
    • Ik begin de dag met een korte meditatie (via een telefoon app😊).

Ik beheer mijn agenda goed, zodat er bij afwezigheid helderheid is over wanneer mijn collega’s wel of niet iets kunnen plannen.
En ik heb hier gesprekken over op het werk. Waarvoor gebruiken we e-mail, waarvoor app? Hoe willen we omgaan met bereikbaar zijn? Het is belangrijk te weten, wat de verwachtingen zijn enerzijds, en wat voor jou gezond werken is anderzijds.

Bovenstaande helpt mij om met aandacht te werken en contact te maken met mensen om mij heen. Nu ga ik wandelen, dus gaat de laptop uit en mijn aandacht voor de natuur ‘aan’.

Photo by George Dolgikh from Pexels

Bel mij terug